Schrijfwedstrijd: De Geest van de Toekomst

Nieuws

Buitenshuis

De Geest van de Toekomst

Een schrijfwedstrijd voor kinderen en jongeren (t/m 16 jaar)

In 2025 bestaat het Besiendershuis 500 jaar. Ter ere van deze bijzondere verjaardag organiseert het Besiendershuis een schrijfwedstrijd! Op deze pagina vind je alle informatie voor de schrijfwedstrijd voor kinderen en jongeren. Lees hier over Het Besiendershuis van de Toekomst – de schrijfwedstrijd voor volwassenen.

De Geest van de Toekomst

In het superspannende verhaal De Geest van het Besiendershuis schrijft Marloes Morshuis over zes kinderen die in het Besiendershuis inbreken en verdwijnen in de geschiedenis: ze komen onder meer terecht bij de Romeinen, in de tijd van de Pest en in de Tweede Wereldoorlog. Maar… wat zou er gebeuren als een kind door de Geest naar de toekomst wordt gestuurd, naar het jaar 2525? Hoe ziet de stad eruit, wat gebeurt er allemaal, en… lukt het om terug te keren naar onze tijd?

Dat is aan jou! Schrijf een nieuw hoofdstuk voor De Geest van het Besiendershuis, dat zich afspeelt in de toekomst, in het jaar 2525. Marloes Morshuis helpt je op weg: zij heeft alvast een overgang geschreven van De Geest van het Besiendershuis naar jouw nieuwe toekomsthoofdstuk. Deze tekst kun je onderaan deze pagina vinden.

Schrijf & win! 

Schrijf een verhaal van maximaal 1.500 woorden. Stuur het uiterlijk 2 februari 2026 naar info@besiendershuis.nl. Vermeld daarbij je naam en je leeftijd. Je kan de overgangstekst van Marloes (zie hieronder) gebruiken als start voor je verhaal, maar dat is niet verplicht. (Geen zorgen: deze overgangstekst telt niet mee voor het maximum aantal woorden!)

Alle verhalen worden gelezen door een deskundige jury. De winnaar wordt in februari bekendgemaakt. Je wint een prijzenpakket én een overnachting met je hele gezin in het Besiendershuis! De mooiste verhalen publiceren we ook op onze website en zullen worden geëxposeerd in het Besiendershuis.

Heb je vragen over de spelregels? Mail ons dan op info@besiendershuis.nl.

PS: AI zullen we in de toekomst genoeg zien, we zijn benieuwd naar jouw fantasie en ideeën.
PPS: De schrijfwedstrijd staat ook op SchrijvenonlineSchrijverspunt en Lezenswaardig.

Een beginnetje

Om je op weg te helpen schreef Marloes Morshuis een spannende overgang van De Geest van het Besiendershuis naar jouw nieuwe hoofdstuk over de toekomst. Schrijf verder waar Marloes ophoudt:

De drie vrouwen staan voor de ramen van het Besiendershuis. Ze kijken naar het meisje van mist dat om hen heen dartelt. Schudden hun hoofd als ze haar handen door het glas steekt en naar de stralen van de gouden herfstzon graait. ‘Je kunt het licht niet vangen, Metgen,’ lispelen de vrouwen. ‘Het verdwijnt, maar komt terug. Jaar na jaar, eeuw na eeuw. Kom bij ons staan, wij zien de tijd.’

Samen kijken ze naar het donker dat iedere dag eerder de stad insluipt. Naar de mensen die met gebogen hoofden over de kade lopen om de koude adem van de rivier niet te voelen. Naar het grijze winterwater. En naar een lang meisje dat diep weggedoken in haar jas op straat staat. Mette. Ze staart roerloos naar boven, naar de ramen van het oude huis.

‘Daar is ze weer,’ wijzen de vrouwen. ‘Je bent niet alleen, Metgen.’

‘Mette… Mette… Hier ben ik!’ Metgen probeert op het raam te kloppen, maar haar doorzichtige vingers maken geen geluid. Na een tijdje draait Mette zich om, loopt met trage passen naar de rivier en gaat op de rand van de kade zitten.

‘Waarom ziet ze me niet?’ vraagt Metgen. ‘Waar wacht ze op?’

De vrouwen drogen haar tranen met de rafels van hun jurken. ‘Mette is verdwaald in het huis,’ zeggen ze. ‘Zolang ze de weg terug zoekt, zal ze die niet vinden. Arme meisjes, arme meisjes…’

Metgen ontsnapt uit de grauwe omhelzing van de vrouwen en duwt haar gezicht door het glas. ‘Neem me mee naar de toekomst, Mette! Dat heb je beloofd!’ Haar woorden laten de lucht trillen. De luiken klapperen zachtjes. Even is het stil, dan begint de rivier zacht te grommen. De witte koppen van de golven veranderen in nevelslierten die om de eenzame gestalte aan de rand van het water cirkelen. Metgen ziet hoe Mette langzaam opstaat. Haar armen spreidt, alsof ze rivier wil omarmen. Hoort ze eindelijk wat de Geest haar al zo lang probeert te vertellen? Durft ze in de bleke ogen te kijken die in het water schemeren?

‘Neem me mee, Mette,’ fluistert Metgen. ‘Neem me mee naar de toekomst.’

De rivier zwijgt. De nevel is opgelost. Mette is verdwenen. 

 

Daar ligt ze weer. Mette rilt, al voelen de straatstenen dit keer zacht en warm. Ze opent voorzichtig haar ogen, maar het is stikdonker. Ergens in die zwarte leegte moet het Besiendershuis verborgen liggen. Toch?

Ze is bijna opgelucht als een zacht gegrom aanzwelt en de bekende bleke ogen oplichten in het duister. Daar is het meisje… De slierten wier in haar haar glanzen alsof er wel een maan aan de hemel staat. Je hebt me geroepen, Mette,’ zegt het meisje. Hier ben ik.

‘Ik moet terug,’ fluistert Mette. ‘Terug naar Metgen.’

Het meisje schudt langzaam haar hoofd. ‘De weg die je moet afleggen, is niet terug maar vooruit. Het is tijd om de Geest van de toekomst te vinden.’
Toekomst? Mette springt overeind. ‘Wat bedoel je? Ik moet terug! Ik had Metgen moeten redden!’

‘Jullie zullen altijd samen zijn, maar je kunt niet in het verleden leven.’ Het meisje wijst. Een witte gestalte doemt op het donker. Haar vlechten van nevel en nachthemd van mist veranderen langzaam in haar en stof. Mettes hart voelt ijskoud en heet tegelijk als ze Metgen ziet verschijnen.

‘Welkom in het jaar 2525, Metgen en Mette,’ zegt het meisje. ‘Ontdek de tijden die komen gaan, en weet in welke levens jullie kunnen bestaan.’

Metgen steekt haar hand uit. ‘Ga je mee, Mette? Kijk, het donker verdwijnt al.’ Ze wijst naar de rivier. Boven het water gloeit een vreemd licht.